Meer en meer valt het op dat macht en eigenbelang wel eens de bovenhand zouden durven nemen. Allemaal goed en wel, maar is macht en eigenbelang eigenlijk wel zo negatief als het klinkt?

In de bijbel vinden we onder andere de 7 hoofdzonden.
Voor de lezer bij wie ze wat ver in geheugen zitten som ik ze nog even op:

  1. Supebria (hoogmoed);
  2. Avaritia (hebzucht);
  3. Luxuria (onkuisheid);
  4. Invidia (nijd, jaloezie);
  5. Gula (gulzigheid);
  6. Ira (woede, wraak);
  7. Acedia (luiheid).

Nu ben ik niet zo bijbels aangelegd, maar vandaag wil ik het toch even hebben over Avaritia. Hebzucht dus. Gemakkelijkheidshalve heb ik hebzucht en drang naar macht samengenomen om tot dit artikel te komen.

avaritia
Het schilderij Avaritia van Pieter van der Heyden (NL, ca. 1525–1569)


Mens vs dier

Dieren kennen een drang tot rangorde. Het dier met de meeste macht is per definitie de  roedelleider. Deze mag bijvoorbeeld als eerste eten en paren. Ondergeschikte dieren zullen proberen hoger in de rangorde te komen om zo meer privileges te bezitten.
Hoe meer privileges het dier bezit, hoe groter het aandeel van zijn genen in de volgende generatie zal zijn. Iedere dier zal dus streven naar een zo hoog mogelijke positie in de roedel.

Roedel
Gevecht voor macht in de roedel.

De roedelleider beschermt dan weer zijn privileges om leider te kunnen blijven.
Bij dieren lijkt er een grens te zijn getrokken, namelijk de grens van zijn lichamelijke kracht.
Het dier moet zich binnen zijn roedel, horde, … dus laten gelden als de sterkste en kan zich slechts zo laten gelden tot waar zijn lichamelijke sterkte het toelaat.

De mens daarentegen kent geen grens in zijn macht. Reden hiervoor is dat die macht aan veel meer bronnen (niet enkel lichamelijke sterkte) kan ontspringen dan bij dieren.
Macht kan zich uiten op diverse manieren: een baas die dreigt zijn personeelslid te ontslaan.

Bij de mensen vinden we drie soorten macht terug:

  • Dreiging: Deze kunnen we plaatsen onder de noemer negatieve macht.
  • Charisma: Als we iemand zien die over macht beschikt dankzij bijvoorbeeld een cognitieve, retorische of een technische eigenschap, dan spreken we over charisma en dat is dan weer een positieve macht.
  • Afkomst: Macht kan je ook terugvoeren op afkomst (sociale macht). Iemand kan zijn macht bijvoorbeeld ontlenen aan zijn sociale positie, familie of vrienden. Deze vorm kan zowel positief als negatief zijn.

Specifieke menselijke verschijnselen zijn afgunst, behaagzucht, ijdelheid en wrok. Daarnaast heeft de mens ook de neiging om machtsdronken te worden. Dit kan in het slechtste geval ontaarden in terreur. Men kan dan stellen dat zelfs iemand die alles heeft ongelukkig is en blijft.
De wijze waarop macht ontstaat is voor de mens ook van bijkomstig belang. Men schrikt er niet voor terug om bedrog, intimidatie, misleiding, … te gebruiken om zijn macht te verwerven.

We kunnen dus stellen dat dieren door hun lichamelijke grenzen op een gegeven moment stoppen met de machtsstrijd en zich onderwerpen. De mens blijft in het slechtste geval doorgaan met zijn machtsstrijd tot aan z’n dood.

 

Zonder eigenbelang, geen succes

Bovenstaande titel klinkt misschien kort door de bocht, maar laat ik het wat duidelijker omschrijven voor je.
Eigenbelang wordt vaak aanzien als een negatieve eigenschap van de mens.
Toch kunnen, en moeten, we eigenbelang voor sommige theorieën als een belangrijke, zelfs noodzakelijke eigenschap zien. Dit is onder meer zo als we het hebben over de homo economicus. Bij de homo economicus bestaat de motivatie namelijk voor een groot stuk uit eigenbelang.
Het eigenbelang zorgt in dit geval voor een aantal dingen die belangrijk zijn in deze theorie.
Dat het openbaar welzijn berust op het feit dat iedereen wil voldoen aan zijn eigen zelfzuchtige behoeften is hier één van.
Uit het egoïstisch streven kunnen voordelen voortvloeien. Neem bijvoorbeeld iemand die rijk wil worden door een nieuw product op de markt te brengen.
Daarnaast zorgt het eigenbelang voor economische stuwing, want elke economische handeling start vanuit een individueel voordeel.
Indien we er van uit zouden gaan dat eigenbelang zich niet zou voordoen kunnen we concluderen dat er een verlies zou zijn van openbaar welzijn, drang tot zelfbehoud valt weg en innovatie valt stil. Door dat wegvallen gaat ook de welvaart naar beneden en ontstaat er een risico op onlusten.
Door het wegvallen van de bedrijvigheid valt ook een eventuele sterke positie op de handelsmarkt weg.

Bij de homo economicus kunnen we concluderen dat het eigenbelang de grondslag is van alle streving.

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.